Spreekwoorden met trefwoord ‘duivel’


Met zwijgen kruist men de duivel.

Als je geen slechte dingen zegt krijg je ook geen ruzie.


Hij is nog zwarter dan de duivel.

Hij is een heel slecht persoon.


Zuivel op zuivel dan haalt je de duivel.

Je moet geen boter en kaas tegelijk op je brood doen.


Hij heeft zijn ziel aan de duivel verkocht.

Hij doet alleen maar slechte dingen.


Een boze vrouw maakt van ‘nen engel ‘nen duivel.

Bijna iedere vrouw zeurt en moppert wel eens zo erg dat zelfs de meest geduldige man er niet meer tegen kan.


Uitstel heeft de duivel bedacht.

Iets dat wordt uitgesteld wordt vaak nooit meer gedaan.


Toen de duivel oud werd werd hij eremijt.

Wie in zijn jonge jaren losbandig leeft komt vaak tot inkeer als hij oud is.


Hij is te stom om voor de Duivel te dansen.

Hij is erg dom.




Meer weten over adverteren?