Spreekwoorden met trefwoord ‘man’


Hij is een woudezel van een man.

Hij is iemand die moeilijk is in de omgang.


Als de wijn is in de man is de wijsheid in de kan.

Als je teveel gedronken hebt kun je niet meer goed nadenken.


Een warm man is een vaste man.

Als je jezelf goed warm kleedt blijf je gezond.


Zijn waren aan de man helpen.

Zijn spullen proberen te verkopen.


Vrouw en man is één gespan.

Een echtpaar zullen elkaar als het er op aankomt bijstaan.


Aan het vee kent men de man.

Iemand die goed voor zijn beesten zorgt is een goede buur en vaak ook een goed mens.


Toen de man uit de bijbel zijn volk telde verloor hij.

Je moet tijdens een spel niet je winst gaan tellen want je kunt nog verliezen.


Ze riepen man en maagd te hulp.

Ze gebruikten alle mogelijke middelen.




Meer weten over adverteren?